15. aug, 2014

Aigues-Mortes

Tijdens onze vakantie in Zuid-Frankrijk bezochten we dit jaar Aigues-Mortes, een versterkte vestingstad met een volledig intact gebleven ommuring met poorten en torens.

Bijzonder aan Aigues-Mortes is dat deze stad volledig nieuw is gebouwd tussen 1246 en 1310, als vertrekpunt voor de kruistochten van de Franse koning Lodewijk IX de Heilige. Tot die tijd had Frankrijk nog geen haven aan de Middellandse Zee (Marseille viel niet onder de Franse koning).

Er zijn twee kruistochten uit Aigues-Mortes vertrokken en de stad speelde ook een rol in de Honderdjarige Oorlog. Nadat de Provence in 1481 onderdeel van Frankrijk werd nam Marseille echter de strategische positie van Aigues-Mortes over. De haven van Aigues-Mortes verzandde, en in de loop van de eeuwen raakte de stad in verval.

Aigues-Mortes is een bezienswaardige stad en een bezoek is dan ook zeker aan te bevelen. Er staan oude kerken (zoals de Notre-Dame-des-Sablons, met zijn bijzondere klokkentoren) en op de Place Saint-Louis kun je heerlijk eten aan de voeten van het standbeeld van Lodewijk de Heilige, maar het meest bijzondere is toch wel de wandeling die je over de muren kunt maken. Het uitzicht is fantastisch: je ziet de volledige omwalling met alle stadspoorten en torens in één blik. Aan de buitenkant van de stad zie je het groen van het gras (de Camargue begint hier), het blauw van het water en het wit van de zoutwinning. En let eens op de stad zelf: overal zie je binnenplaatsjes en dakterrassen met veel bloemen en planten.

Bijna alle torens van de omwalling zijn te bezoeken, en overal is wel een expositie, film of diashow te zien. De meest bijzondere toren is echter toch wel de grote Tour Constance, niet alleen vanwege het uitzicht maar ook vanwege haar geschiedenis.
In het zuiden van Frankrijk had het protestantisme altijd veel aanhangers gehad. Na 1598, toen bij het Edict van Nantes de protestantse Hugenoten vrijheid van godsdienst kregen (na de bloedig uitgevochten godsdienstoorlogen), was Aigues-Mortes één van de steden die werden toegewezen aan de protestanten. En bij de herroeping in 1685 van dat Edict door Lodewijk XIV (die vond dat zijn onderdanen dezelfde godsdienst moesten aanhangen als hijzelf) werd de Tour Constance een staatsgevangenis, waarin voornamelijk Hugenoten werden opgesloten.
In eerste instantie werden hier mannen opgesloten die veroordeeld waren tot de galeien. Dat waren vooral uit de Cevennes afkomstige Camisards, protestantse verzetsstrijders. Na de ontsnapping van hun leider Abraham Mazel in 1704 werden hier alleen nog maar vrouwen opgesloten. De bekendste gevangene was Marie Durand, als jong meisje gevangen genomen om haar broer, die dominee was, te pakken te krijgen. De broer werd na 2 jaar opgehangen, maar Marie heeft in totaal 38 jaar in de Tour Constance gevangen gezeten en werd pas vrijgelaten in 1768.
In 1789 werden in Frankrijk alle nog gevangen zittende Hugenoten vrijgelaten. Naar schatting 500.000 van hen waren in de tussentijd Frankrijk ontvlucht. Tegenwoordig is 2% van de Franse bevolking nog protestants.