11. aug, 2015

Metz: Duits, Frans, Duits en weer Frans

Op weg naar het zuiden bezochten wij, in de eerste dagen van onze vakantie, Metz. De voornaamste reden van ons verblijf was dat Annelies het Centre Pompidou Metz wilde bezoeken. De stad Metz bleek op zichzelf echter ook een bezoek waard: de stad is prachtig gelegen aan de Moezel en heeft een eeuwenoud centrum rondom de gotische kathedraal St. Etienne. De kathedraal is heel mooi en het schip is met 42 m het op twee na hoogste in Frankrijk.

Ook in andere opzichten is Metz een interessante stad: als belangrijk centrum in de grensregio Lotharingen was de stad 1200 jaar lang een twistappel tussen west en oost. In de vroege middeleeuwen tussen de West- en Oostfrankische koninkrijken, in onze tijd (!) tussen Frankrijk en Duitsland. 

Al in de Romeinse tijd was Metz, als Divodorum Mediomatricorum, één van de voornaamste steden van Gallië.
Aan het begin van de
 middeleeuwen was Metz de hoofdstad van het Frankische koninkrijk  Austrasië, dat het oosten van het huidige Frankrijk, het westen van Duitsland en delen van België en Nederland besloeg.

Later werd Metz een vrije Rijksstad binnen het “Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie”. In de late middeleeuwen was Metz met ruim 30.000 inwoners een van de grootste steden van het Duitse Rijk.

Frans I van Frankrijk was in het begin van de 16e eeuw een geducht tegenstander van Karel V, keizer van het Heilige Roomse Rijk. Hendrik II zette zijn vaders strijd tegen de omsingeling door de Habsburgers (die zowel het Keizerrijk als Spanje regeerden) voort. Hij veroverde Metz in 1552 en Frankrijk mocht de stad bij de Vrede van Cateau-Cambrésis, in 1559, behouden.

Zo werd Metz, evenals het hele gebied daaromheen, Frans. Latere Franse koningen, in het bijzonder de 13e en 14e Lodewijk, gebruikten de stad als uitvalsbasis om voortdurend plunder- en veroveringstochten te houden in het Rijnland, een zwak verdedigd gebied binnen het Keizerrijk. Zo werd door Lodewijk XIV onder meer Straatsburg (ook een vrije Rijksstad) veroverd, waarmee de huidige Franse oostgrens min of meer tot stand kwam.
Tijdens Lodewijks campagnes werden veel steden en monumentale gebouwen (waaronder de oude romaanse kathedralen van Speyer en Worms) ernstig beschadigd of zelfs verwoest.

Napoleon tenslotte deed het nog eens dunnetjes over, wat tevens de ondergang, na 1000 jaar, van het Heilige Roomse Rijk met zich meebracht.

Het waren de Pruisen, voortgekomen uit één van de vele Duitse landjes en landen, die op zoek naar meerdere eer en glorie terugsloegen. Gedurende de Frans-Duitse Oorlog van 1870 werd Metz belegerd en met geheel Elzas-Lotharingen door het nieuwe Duitse Rijk ingelijfd en meedogenloos "verduitst".

Sinds de Eerste Wereldoorlog hoort Metz weer bij Frankrijk, hoewel de stad tijdens de Tweede Wereldoorlog was ingelijfd bij nazi-Duitsland. En ja, het is ook weer helemaal een Franse stad. Al klinkt de naam in onze oren nog steeds Duits (de Fransen zeggen overigens “Mes”), verder is alles Frans wat de klok slaat. 

Wat mij wel opviel was dat de folders in de kathedraal hoofdzakelijk Frans en Duits waren. Maar ja, dat is niet zo gek, als je bedenkt dat Metz nog steeds vlak bij de grens ligt en bij de Duitsers een geliefde bestemming voor een dagje uit is – dat maakten we tenminste op uit het feit, dat we regelmatig Duits hoorden spreken.
Ze komen echter in vrede. Laten we hopen dat dat altijd zo mag blijven.